Het schip Choizil van Pelizzari, Calitz en hun Zuid-Afrikaanse kapitein Peter Eldrigde werd in oktober 2010 voor de kust van Tanzania gekaapt door Somalische piraten. Die droegen het drietal op naar Somalië te varen. Kapitein Eldrigde negeerde doodsbedreigingen en bleef op zijn schip. Eind november 2010 werd hij gered. Bij zijn bevrijding waren Nederlandse mariniers betrokken van Hr. Ms. Amsterdam die op dat moment deelnam aan de antipiraterijmissie Atalanta van de EU. Pelizzari en Calitz waren toen al enige weken op het Somalische vasteland.
Marteling
Het echtpaar werd vastgehouden voor losgeld. Ze wisselden 17 keer van verblijfsplaats omdat ze door tribale stammen werden doorverkocht. Het was een periode van enorme onzekerheid, martelingen, een chronisch gebrek aan voeding en constante doodsangst. Uiteindelijk zijn ze na langdurige onderhandelingen vrijgelaten. Op dat moment wogen ze beiden nog maar 40 kilo en waren ze er lichamelijk en psychisch slecht aan toe.Piratenbootjes
Het echtpaar is in Nederland om tegen een aantal van de gijzelnemers te getuigen. Pelizzari en Calitz maakten van de gelegenheid gebruik om het Marinemuseum te bezoeken. Het museum in Den Helder heeft een permanente tentoonstelling over piraterijbestrijding door de marine. De tentoongestelde piratenbootjes nam het tweetal naar eigen zeggen terug naar die verschrikkelijke periode.Om de gebeurtenissen te verwerken heeft Deborah Calitz ook het boek Twenty months of hostage hell geschreven, dat binnenkort uitkomt.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten